Werkt TRM?
Deze vraag is niet eenvoudig te beantwoorden. Het is volledig afhankelijk van de perceptie van de vraagsteller. Wanneer we het doel van TRM als uitgangspunt nemen dan werkt TRM wanneer het aantal teamwerk-gerelateerde incidenten afneemt. Dat kan alleen worden gemeten wanneer de organisatie een goed incidentenrapportage en onderzoeksysteem heeft. Dit systeem moet dan ook voldoende data hebben van de situatie vóór TRM om de vergelijking te kunnen maken met de situatie na TRM. Ook moet dit systeem TRM aspecten meten om aan te kunnen geven dat veranderingen die worden gemeten met TRM te maken hebben.
Zo’n systeem is in de luchtverkeersleiding alleen in gebruik in Engeland. Wanneer we dat als voorbeeld nemen dan is het antwoord op de vraag Werkt TRM? : "Ja, TRM werkt". In de Engelse luchtverkeersleiding is het aantal potentiële incidenten afgenomen omdat teamleden elkaar hielpen. Naar hun eigen zeggen omdat ze zich door TRM meer bewust zijn geworden van de mogelijkheden en de noodzaak om ook in situaties waarin wordt aangenomen dat de betreffende persoon het probleem zelf wel zal onderkennen, toch aan de bel te trekken.
Wordt het veiliger door TRM?
Ook dat hangt volledig af van de definitie van veiligheid. Wanneer veiligheid gezien wordt als: “Met zo weinig mogelijk risico”, dan draagt TRM bij aan meer veiligheid omdat de mens in de organisatie met TRM beter in staat is om efficiënt teamwerk te leveren. Efficiënt teamwerk betekent minder kans op fouten en dus minder risico.
Wanneer veiligheid afhankelijk wordt gemaakt van het aantal incidenten of ongevallen wordt het lastiger. Incidenten en ongevallen worden gemeten. Wanneer TRM een incident zou voorkomen kan dit niet worden gemeten. Je kunt niet meten wat niet gebeurt. In dat geval moeten volgens bestaande wetenschappelijke modellen aannames worden gemaakt.
Ervaren de deelnemers aan een TRM-workshop dat de veiligheid gebaat is bij TRM?
Wanneer we naar de luchtverkeersleiding kijken dat moet het antwoord hierop “Ja” zijn. De evaluatieresultaten laten zien dat minder dan 0,5 % van de deelnemers denkt dat TRM weinig bijdraagt aan de veiligheid. 1,3 procent is er niet zeker van en de overigen, 98,2 % denkt dat TRM wel bijdraagt aan de veiligheid. Deze cijfers zijn een extrapolatie van ongeveer 3000 evaluaties die zijn gehouden direct na de TRM-workshops.
Veranderen deelnemers aan een TRM-workshop daadwerkelijk hun houding en gedrag op langere termijn?
Hierover zijn alleen gegevens uit de luchtverkeersleiding bekend. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een vragenlijst met 78 vragen. Een aantal vragen zijn gericht op veranderingen in houding (37). De overige vragen zijn gericht op verandering van gedrag. Deze vragenlijst wordt tenminste drie maal ingevuld door de deelnemers. De eerste keer voordat ze deelnemen aan een TRM-workshop. De tweede keer direct na een TRM-workshop en dan alleen die vragen die zijn gericht op een verandering in houding. Dit omdat een houding snel kan veranderen. Om te zien of dit ook een verandering in gedrag oplevert wordt de vragenlijst opnieuw ingevuld na 6 maanden. Eventueel kan dit worden herhaald na opnieuw 6 maanden.
De resultaten zijn dat houdingen inderdaad snel in positieve zin veranderen. Na 6 maanden levert dit een werkelijke verandering in gedrag op maar minder duidelijk dan de verandering in houding. Een aantal mensen gaan terug in richting van hun gedrag van vóór TRM. Het is niet mogelijk om hierover cijfers bekend te maken omdat het rapport confidentieel is.
Deze vraag is niet eenvoudig te beantwoorden. Het is volledig afhankelijk van de perceptie van de vraagsteller. Wanneer we het doel van TRM als uitgangspunt nemen dan werkt TRM wanneer het aantal teamwerk-gerelateerde incidenten afneemt. Dat kan alleen worden gemeten wanneer de organisatie een goed incidentenrapportage en onderzoeksysteem heeft. Dit systeem moet dan ook voldoende data hebben van de situatie vóór TRM om de vergelijking te kunnen maken met de situatie na TRM. Ook moet dit systeem TRM aspecten meten om aan te kunnen geven dat veranderingen die worden gemeten met TRM te maken hebben.
Zo’n systeem is in de luchtverkeersleiding alleen in gebruik in Engeland. Wanneer we dat als voorbeeld nemen dan is het antwoord op de vraag Werkt TRM? : "Ja, TRM werkt". In de Engelse luchtverkeersleiding is het aantal potentiële incidenten afgenomen omdat teamleden elkaar hielpen. Naar hun eigen zeggen omdat ze zich door TRM meer bewust zijn geworden van de mogelijkheden en de noodzaak om ook in situaties waarin wordt aangenomen dat de betreffende persoon het probleem zelf wel zal onderkennen, toch aan de bel te trekken.
Wordt het veiliger door TRM?
Ook dat hangt volledig af van de definitie van veiligheid. Wanneer veiligheid gezien wordt als: “Met zo weinig mogelijk risico”, dan draagt TRM bij aan meer veiligheid omdat de mens in de organisatie met TRM beter in staat is om efficiënt teamwerk te leveren. Efficiënt teamwerk betekent minder kans op fouten en dus minder risico.
Wanneer veiligheid afhankelijk wordt gemaakt van het aantal incidenten of ongevallen wordt het lastiger. Incidenten en ongevallen worden gemeten. Wanneer TRM een incident zou voorkomen kan dit niet worden gemeten. Je kunt niet meten wat niet gebeurt. In dat geval moeten volgens bestaande wetenschappelijke modellen aannames worden gemaakt.
Ervaren de deelnemers aan een TRM-workshop dat de veiligheid gebaat is bij TRM?
Wanneer we naar de luchtverkeersleiding kijken dat moet het antwoord hierop “Ja” zijn. De evaluatieresultaten laten zien dat minder dan 0,5 % van de deelnemers denkt dat TRM weinig bijdraagt aan de veiligheid. 1,3 procent is er niet zeker van en de overigen, 98,2 % denkt dat TRM wel bijdraagt aan de veiligheid. Deze cijfers zijn een extrapolatie van ongeveer 3000 evaluaties die zijn gehouden direct na de TRM-workshops.
Veranderen deelnemers aan een TRM-workshop daadwerkelijk hun houding en gedrag op langere termijn?
Hierover zijn alleen gegevens uit de luchtverkeersleiding bekend. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een vragenlijst met 78 vragen. Een aantal vragen zijn gericht op veranderingen in houding (37). De overige vragen zijn gericht op verandering van gedrag. Deze vragenlijst wordt tenminste drie maal ingevuld door de deelnemers. De eerste keer voordat ze deelnemen aan een TRM-workshop. De tweede keer direct na een TRM-workshop en dan alleen die vragen die zijn gericht op een verandering in houding. Dit omdat een houding snel kan veranderen. Om te zien of dit ook een verandering in gedrag oplevert wordt de vragenlijst opnieuw ingevuld na 6 maanden. Eventueel kan dit worden herhaald na opnieuw 6 maanden.
De resultaten zijn dat houdingen inderdaad snel in positieve zin veranderen. Na 6 maanden levert dit een werkelijke verandering in gedrag op maar minder duidelijk dan de verandering in houding. Een aantal mensen gaan terug in richting van hun gedrag van vóór TRM. Het is niet mogelijk om hierover cijfers bekend te maken omdat het rapport confidentieel is.






